Kerncijfers
2.1Kerncijfers 2025
(bedragen x € 1.000)
| 2025 | 2024 | |||
|---|---|---|---|---|
| Rechtenopbrengsten uit | ||||
| Bedrijfsleven | 17.370 | 13.434 | ||
| Onderwijs | 12.451 | 12.198 | ||
| Overheid | 1.419 | 1.381 | ||
| Buitenland | 1.319 | 1.199 | ||
| a | 32.559 | 28.212 | ||
| Repartitie ontvangsten uit | ||||
| Bedrijfsleven | 13.357 | 15.046 | ||
| Onderwijs | 12.158 | 12.448 | ||
| Overheid | 1.375 | 1.672 | ||
| Buitenland | 1.152 | 1.174 | ||
| Overig | b | 0 | 7 | |
| 28.042 | 30.347 | |||
| Te verdelen rechten | c | 32.807 | 28.290 | |
| Exploitatierekening | ||||
| Baten | d | 2.231 | 2.018 | |
| Lasten | e | -2.714 | -2.640 | |
| Resultaat uit bedrijfsoperaties | -483 | -622 | ||
| Financieel resultaat | f | 483 | 622 | |
| Resultaat | 0 | 0 | ||
| Kengetallen | ||||
| Feitelijke inhoudingspercentages | 6,7% | 7,2% | ||
| Bedrijfslasten in % van de rechtenopbrengst | 8,3% | 9,4% | ||
| Aantal gefactureerde gebruikers | 143.302 | 115.350 | ||
| Aantal uitgekeerde rechthebbenden | 19 | 20 | ||
| Aantal FTE | 11,6 | 11,0 |
2.2Toelichting op de kerncijfers
De kerncijfers geven in het kort de belangrijkste financiële ontwikkelingen weer in de cijfers van het verslagjaar en de voorgaande jaren. Hieronder wordt op een aantal posten een toelichting gegeven.
A Rechtenopbrengsten
De inning is stabiel maar vertoont op totaalniveau een tweejaarlijkse fluctuatie. Voor een toelichting wordt verwezen naar het jaaroverzicht van de rechtenopbrengsten 2025.
B Individuele rechthebbenden
In uitzonderlijke gevallen zou het kunnen voorkomen dat een individuele rechthebbende niet in een van de kringen van rechthebbenden van de verdeelorganisaties valt, maar wel recht heeft op een reprorechtvergoeding. In 2025 heeft één individuele rechthebbende op basis van een bestuursbesluit een uitkering ontvangen van Stichting Reprorecht.
C Te verdelen rechten
Het totaalbedrag heeft betrekking op de verschillende uitkeringscategorieën voor Nederlandse rechthebbenden en op de verschillende landenrekeningen voor buitenlandse rechthebbenden. In juli worden doorgaans alle beschikbare bedragen in de verschillende uitkeringscategorieën onder de rechthebbenden verdeeld en uitgekeerd. In beginsel zijn dit de gelden die in het voorafgaande jaar zijn geïnd. Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de verdeling.
D Baten
De verantwoorde baten betreffen de door rechthebbenden verschuldigde administratievergoeding die voor de door Stichting Reprorecht verrichte werkzaamheden worden ingehouden op de verdeling en uitkering. De administratievergoeding dient ter dekking van de lasten van Reprorecht, die voor een belangrijk deel verband houden met het grote aantal te factureren gebruikers.
E Lasten
De lasten à € 2,7 miljoen (2024: € 2,6 miljoen) worden gemaakt ten behoeve van de facturering, de inning, de verdeling en de overige activiteiten van Stichting Reprorecht.
F Financieel resultaat
Het financieel resultaat bestaat uit renteopbrengsten c.q. rentelasten op banktegoeden.
Kengetallen
Er is een hoger aantal gefactureerde gebruikers omdat 2025 het eerste jaar is van de tweejaarlijkse aanschrijving van bedrijven t/m 19 fte, waarvan het grootste gedeelte in het eerste jaar van de tweejaarlijkse facturatieperiode wordt aangeschreven.
Ketenkosten
Stichting Reprorecht keert de reprovergoedingen primair via beheersorganisaties uit aan specifieke groepen rechthebbenden. Reprorecht legt hierbij jaarlijks verantwoording af over de totale kosteninhoudingen voor deze verdeling, de zogeheten ketenkosten. Het gewogen gemiddelde inhoudingspercentage voor dekking van zowel de kosten van de inning door Reprorecht als de uitkering door de beheersorganisaties bedraagt in 2025 11,3% (2024: 11,6%). Het gewogen gemiddelde inhoudingspercentage is het totaal van de inhoudingen door Reprorecht en de beheersorganisaties als percentage van de bruto repartitie door Reprorecht, met een correctie voor de bedragen die ‘buiten de keten’ zijn uitgekeerd. Om tot het gewogen gemiddelde inhoudingspercentage te komen vraagt Reprorecht aan de Nederlandse beheersorganisaties welk inhoudingspercentage zij hebben gehanteerd voor de reprorechtvergoeding. Daarmee is berekend welke inhouding zij zouden doen als ze de van Reprorecht ontvangen gelden volledig tegen dit percentage zouden doorbetalen.
De kostenstructuur, de kosten per activiteit en de kosten in de keten van Reprorecht hangen samen met de modaliteiten van de reprorechtregeling, zoals het aanschrijven van grote aantallen bedrijven met een lage factuurwaarde en het uitkeren aan grote aantallen individuele rechthebbenden via de keten. Deze modaliteiten zijn onvermijdelijk gegeven de hoedanigheid van de reprorechtregeling: een regeling die altijd in eerste instantie gestimuleerd wordt door onafhankelijk marktonderzoek en die gebaseerd is op de welwillendheid van de betrokken koepelorganisaties van zowel betalende organisaties als rechthebbenden, omdat de overheid heeft gekozen voor zelfregulering van het reprorecht.
2.3Begroting 2026
(bedragen x € 1.000)
| Begroting 2026 | |
|---|---|
| Baten | |
| 2.755 | |
| 2.755 | |
| Lasten | |
| Kosten Cedar | 2.110 |
| Kosten bestuur en toezicht | 171 |
| Kosten adviseurs | 70 |
| Kosten marktonderzoek | 175 |
| Kosten communicatie | 50 |
| Kosten facturatie | 274 |
| Kosten contributies en bijdragen | 125 |
| Overige bedrijfslasten | 180 |
| 3.155 | |
| Saldo van baten en lasten | -400 |
| Financieel resultaat | 400 |
| Resultaat | 0 |