Spring naar inhoud

Stichting Leenrecht in 2024

4.1 ​Stichting Leenrecht in 2024

Rechtenopbrengsten

Ontwikkeling rechtenopbrengst

(in euro's x 1.000)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  Ontwikkeling rechtenopbrengst
2024 10.872 
2023 10.844 
2022 12.578 
2021 7.174 
2020 9.876 
Rechtenopbrengst per categorie

(in euro's x 1.000)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Rechtenopbrengst per categorie 2024 2023
Geschriften 10.474  10.366 
Multimedia 13  17 
Audio 45  47 
Video/DVD 274  356 
Kunstuitleen 41  38 
Complete muziekwerken 25  20 

De reguliere incasso, die wordt berekend aan de hand van de uitleningen van het voorgaande jaar, steeg licht ten opzichte van het voorgaande jaar. 

De incasso van 2024 werd aangevuld met een speciale vergoeding door het ministerie van OCW voor misgelopen leenrechtvergoedingen door schooluitleningen. In afwachting van de aangekondigde wetswijziging is het ministerie met Stichting Leenrecht overeengekomen een jaarlijkse dotatie te doen. Zodoende kon Stichting Leenrecht in 2024 een extra bedrag van 1,78 miljoen euro incasseren en in verdeling brengen. 

Bibliotheken en andere uitlenende instanties zijn wettelijk verplicht voor 1 april opgave te doen van de aantallen uitleningen van het voorgaande jaar. In mei factureert Stichting Leenrecht op basis van deze opgave. Het gefactureerde bedrag geldt als vergoeding voor de uitleenactiviteiten van bibliotheken van het lopende jaar.

Repartitie

Ontwikkeling repartitie

(in euro's x 1.000)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

  2) Repartitie
2024 11.022 
2023 10.844 
2022 12.851 
2021 7.001 
2020 9.852 
Repartitie per rechtencategorie

(in euro's x 1.000)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Repartitie per rechtencategorie 2024 2023
Geschriften 10.618  10.366 
Multimedia 13  17 
Audio 46  47 
Video/DVD 278  356 
Kunstuitleen 42  38 
Complete muziekwerken 25  20 

Stichting Leenrecht keert jaarlijks de geïnde leenrechtvergoedingen uit aan de verdeelorganisaties. Deze organisaties behartigen de belangen van de rechthebbende auteurs, producenten en uitvoerende kunstenaars. De aangewezen verdeelorganisaties, die de vergoedingen aan de individuele rechthebbenden uitkeren zijn: Stichting Stemra, Stichting Lira, Stichting PRO, Stichting Pictoright, Stichting Norma, Stichting Thuiskopievergoeding Audio Producenten (STAP), Stichting VEVAM, Stichting SEKAM Video en Stichting FEMU. 

Na ontvangst van de betalingen in juni stelt Stichting Leenrecht in augustus het gebruik van de bibliotheken vast aan de hand van een representatieve steekproef. Aansluitend wordt in september op deze grondslag uitgekeerd aan de verdeelorganisaties. Deze ontvangen daarmee de vergoeding over het lopende kalenderjaar reeds in september van datzelfde jaar, ruim binnen de in de wet gestelde termijnen. De maximale termijn voor verdeling is reglementair drie jaar na incasso.

Verdeelsleutels

Het bestuur van Stichting Leenrecht stelt jaarlijks de verdeelsleutels vast, op advies van de verschillende secties. De volgende verdeelsleutels zijn in 2024 toegepast: 

Het inhoudingspercentage voor beheerskosten over de gehele keten van incasso en verdeling van leenrechtgelden komt voor 2024 uit op 11,5% (2023: 13,7%). Stichting Leenrecht hanteerde in 2024 één inhoudingspercentage voor beheerskosten, namelijk 5,5%. Dit percentage is hetzelfde voor iedere verdeelorganisatie. Daarnaast kent Stichting Leenrecht slechts één soort rechtencategorie, één soort gebruik en geen inhoudingen voor sociaal culturele doeleinden (Wet Toezicht, artikel 2q, lid 3, en artikel 3, lid d, onder 2, Besluit transparantieverslag).  

Uitkering leenrechtvergoeding schooluitleningen

In juli 2024 sloten De Staat der Nederlanden en Stichting Leenrecht de Wijzigingsovereenkomst I bij overeenkomst vergoeding uitleningen schoolbibliotheken 2023-2025. Deze overeenkomst is bedoeld om, hangende de wetswijziging tot opheffing van de onderwijsvrijstelling voor het leenrecht, de rechthebbenden te compenseren voor uitleningen op en door scholen. 

Voor 2024 is een compensatiebedrag van ruim 1,78 miljoen vastgesteld. Dit bedrag is door Stichting Leenrecht op 5 augustus ontvangen van het Ministerie OCW en in september 2024 volledig gereparteerd aan Stichting Lira, Stichting Pictoright en Stichting PRO. De verdeling is gebaseerd op de huidige verdeelsleutel Leenrecht boeken, welke ook is vastgelegd in de overeenkomst. Stichting Leenrecht heeft op deze gelden 5,5% ingehouden voor administratiekosten en 21% btw over de administratiekosten.  

De drie verdeelorganisaties zijn met Stichting Leenrecht overeengekomen voor de uitkering dezelfde grondslag te gebruiken als bij de uitkering van 2023. Deze grondslag hanteerde een selectie van NUR-codes, waardoor alleen op titels van de voor deze uitkering relevante kinder- en jeugdliteratuur werd uitgekeerd. Voor verdere details over deze uitkering wordt verwezen naar de jaarverslagen van de betrokken verdeelorganisaties. 

Verdeelreglementen

Door het bestuur van Stichting Leenrecht zijn verdeelreglementen vastgesteld. Deze reglementen worden driejaarlijks getoetst op actualiteit. In 2022 heeft deze toetsing voor het laatst plaatsgevonden. 

Het CvTA heeft een beleidskader voor het toezicht opgesteld en volgt daarmee de Europese Richtlijn 2014/26/EU betreffende het collectief beheer van auteursrechten en naburige rechten. Op het gebied van governance en transparantie worden duidelijke eisen gesteld aan Stichting Leenrecht als collectieve beheersorganisatie. In april 2025 zijn nieuwe statuten en bestuursreglement van kracht geworden. Eventuele gevolgen voor de verdeel-reglementen zullen aansluitend worden besproken in de secties. 

Bestuur

Het bestuur van Stichting Leenrecht is in het verslagjaar vier keer bijeengekomen, waarvan een keer digitaal. In deze bijeenkomsten is gesproken over relevante ontwikkelingen op het gebied van bibliotheken en auteursrecht, waaronder de juridische en digitale ontwikkelingen, en vraagstukken op het gebied van de interne en externe governance. 

Elders in dit jaarverslag is een overzicht van de (neven-)functies van de bestuursleden opgenomen. De bestuursleden noch de directie hebben een leenrechtvergoeding ontvangen van Stichting Leenrecht.