Over Stichting Leenrecht
3.1 Over Stichting Leenrecht
Stichting Leenrecht is op 18 december 1990 opgericht door organisaties van rechthebbenden ter zake van het leen- en verhuurrecht. De stichting stelt zich ten doel, zonder winstoogmerk, de materiële en immateriële belangen te behartigen van auteursrechthebbenden, houders van naburige rechten en hun rechtverkrijgenden met betrekking tot het leen- en verhuurrecht alsmede de exploitatie en handhaving van dit recht te verzorgen, met inbegrip van het uitvoeren van wettelijke regelingen ter zake. De stichting is belast met de uitvoering van de wetgeving ter zake van het leenrecht. Deze wet is op 29 december 1995 in werking getreden. Bij besluit van 30 oktober 1996 is de Stichting Leenrecht door de Minister van Justitie, in overeenstemming met de Staatssecretaris van OC&W, aangewezen als zogenaamde eigen-rechtorganisatie.
Bestuur en Governance
Stichting Leenrecht hecht veel waarde aan bestuurlijke transparantie. Stichting Leenrecht heeft hiertoe onder meer de Governance Code van de brancheorganisatie VOI©E onderschreven.
Stichting Leenrecht committeert zich aan de Principes en Best Practice-bepalingen van de Richtlijnen goed bestuur en integriteit CBO’s. Als bestuursmodel is gekozen voor het model dat in deze Richtlijn wordt omschreven als ‘Bestuur’. Dit model houdt in dat het bestuur van de stichting alle bevoegdheden heeft die niet door wet of statuten aan andere organen zijn toegekend. Het bestuur is onder meer verantwoordelijk en beslissingsbevoegd ten aanzien van de strategie, naleving van relevante wet- en regelgeving, risicobeheersing, activiteitenplan en begroting, jaarrekening en jaarverslag, aangaan of verbreken van samenwerkingsverbanden, statutenwijziging en het benoemen van de externe accountant.
Leenrecht voldoet aan de eisen van good governance door het bestuur te belasten met de toezichtfunctie en de directie verantwoordelijk te maken voor de dagelijkse leiding. De scheiding van de verantwoordelijkheden wordt geborgd in de statuten, het directie- en bestuursreglement. Deze stukken zijn openbaar en worden gepubliceerd op de website van Stichting Leenrecht. Het bestuur heeft ondanks zijn rol van toezichtsorgaan de status van stichtingsbestuur conform het Burgerlijk Wetboek.
Het bestuursmodel is gekozen en statutair vastgelegd in 2018 naar aanleiding van de aanpassing van de Wet Toezicht (WTCBO) van 2016. Stichting Leenrecht evalueert jaarlijks de toepassing en uitwerking van de governance door bestuur en directie. In de evaluatie van 2023 is vastgesteld dat het model voor Stichting Leenrecht naar tevredenheid werkt, maar evengoed op onderdelen verbeterd kan worden gezien de ontwikkelingen en nieuwe eisen die in overleg met het College van Toezicht Auteursrecht gesteld worden aan het collectief beheer. Deze verbeteringen zijn door bestuur en secties gedurende 2024 uitgewerkt. Na instemming door het College van Toezicht zijn op 1 april 2025 nieuwe statuten en bestuursreglement van kracht geworden. Op die datum trad ook het bestuur in nieuwe samenstelling aan.
Structuur Stichting Leenrecht
Stichting Leenrecht heeft een directe lijn met de achterban door een stelsel van secties. Verdeeld over vijf categorieën (geschriften, audio, video, multimedia en kunst) hebben rechthebbenden of hun vertegenwoordigers rechtstreeks inspraak op de gang van zaken bij de stichting. Zij hebben direct belang bij het optimaliseren van de operatie, de binnenkomende gelden en het beheersen van de kosten. De inhoudingen, noodzakelijk om de uitvoering van de leenrechtregeling te financieren, worden in nauw overleg vastgesteld. Afgevaardigden uit de grootste secties vormen het toezichthoudend Algemeen Bestuur van Stichting Leenrecht. Het bestuur kent een onafhankelijke voorzitter en penningmeester.
Tot de kring van belanghebbenden van Stichting Leenrecht behoren ook de betalingsplichtigen van het leenrecht: de openbare bibliotheken, kerkbibliotheken en kunstuitlenen. Stichting Leenrecht hecht veel waarde aan een goed contact met deze partijen, gezien het belang voor het creëren en onderhouden van vertrouwen en draagvlak voor het leenrecht. Vertegenwoordigers van de betalingsplichtigen ontmoet Stichting Leenrecht ten minste eenmaal per jaar bij de bijeenkomst van de Stichting Onderhandelingen Leenvergoedingen (StOL).
Risicobeheersing
Het bestuur van Stichting Leenrecht is zich bewust van de risico’s die haar activiteiten als collectieve beheersorganisatie met zich meebrengen. Stichting Leenrecht maakt voor haar operationele activiteiten gebruik van de diensten van Cedar B.V. Bestuur en directie van Leenrecht zijn verantwoordelijk voor het in overleg met Cedar onderkennen, analyseren en beheersen van de risico’s. De risico’s worden onderverdeeld naar strategische, governance, financiële en operationele risico’s. De risicobereidheid van de stichting om haar doelstellingen te bereiken kan getypeerd worden als risicomijdend. Voor gesignaleerde risico’s worden maatregelen ter reducering getroffen.
Strategische risico’s: Stichting Leenrecht is sterk afhankelijk van wet- en regelgeving op auteursrechtelijk gebied, alsmede van (technologische) ontwikkelingen in het gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken. Leenrecht is betrokken bij relevante ontwikkelingen binnen haar werkterrein.
Governance risico’s: Stichting Leenrecht moet als auteursrechtenorganisatie voldoen aan de eisen van de ‘Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten’ en valt op basis van deze wet onder het toezicht van het College van Toezicht Auteursrecht (CvTA). Ook is de WNT van toepassing op de bezoldiging van topfunctionarissen. Leenrecht heeft een formele scheiding tussen het (toezichthoudend) bestuur en de directie, alsmede tussen de directie en de feitelijke uitvoering van de operationele processen door medewerkers van Cedar.
De bestuursleden en de directeur hebben, in het kader van artikel 2e derde lid jo artikel 2f derde lid van de Wet Toezicht, verklaard dat zij in het boekjaar 2024 als rechthebbende geen leenrechtvergoedingen hebben ontvangen rechtstreeks van Stichting Leenrecht en dat zij geen direct of indirect persoonlijk belang hebben dat tegenstrijdig is met het belang van Stichting Leenrecht.
Financiële risico’s: Stichting Leenrecht int, verdeelt en beheert omvangrijke geldstromen. In de operationele en financiële processen zijn diverse maatregelen van interne controle getroffen, waaronder controletechnische functiescheidingen en gelimiteerde tekenbevoegdheden. De gelden staan uit bij meerdere grote banken in Nederland en zijn direct opeisbaar. Het bestuur van Stichting Leenrecht heeft een Statuut middelenbeheer vastgesteld waarin het beleid met betrekking tot het beheer van de beschikbare gelden is vastgelegd. Voor het middelenbeheer zal Cedar bij de uitvoering van taken de uitgangspunten zoals neergelegd in het Statuut middelenbeheer volgen en respecteren. De verantwoordelijkheid voor het middelenbeheer ligt bij het bestuur van Leenrecht. De uitvoering van het vastgestelde beleid ligt bij de directie van Leenrecht en de controller van Cedar.
Operationele risico’s: Stichting Leenrecht keert vergoedingen uit aan een beperkt aantal verdeelorganisaties en levert daarbij uitleengegevens aan voor een zeer groot aantal werken. De stichting maakt gebruik van de dienstverlening van Cedar, waarbij gebruik gemaakt wordt van complexe geautomatiseerde systemen. De beschikbaarheid en betrouwbaarheid van deze systemen is van groot belang. In overleg met Cedar zijn maatregelen getroffen om deze beschikbaarheid en betrouwbaarheid te waarborgen.
Stichting Onderhandelingen Leenvergoedingen (StOL)
De hoogte van de leenvergoedingen wordt vastgesteld door de Stichting Onderhandelingen Leenvergoedingen (StOL). Deze is hiertoe door de overheid aangewezen. In het bestuur van de StOL zijn de rechthebbenden via Stichting Leenrecht en de betalingsplichtigen via de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) evenwichtig vertegenwoordigd. De stichting heeft een onafhankelijke voorzitter.
De samenstelling van het bestuur van de StOL is als volgt:
- Dhr. P.H.A. Knol (onafhankelijk voorzitter)
- Dhr. J. van der Vlist (bestuurslid, namens Stichting Leenrecht)
- Dhr. P. Moree, secretaris (bestuurslid, namens VOB) (tot 1 maart 2025)
- Dhr. M. Schok (bestuurslid, namens Stichting Leenrecht)
- Mw. H. Verschuur (penningmeester, namens Stichting Leenrecht)
- Mw. S. Hermans (bestuurslid, namens VOB)
- Dhr. G. Hendriks (bestuurslid, namens VOB)
Gedurende 2024 golden onderstaande tarieven per uitlening:
- Geschriften € 0,1680
- Luisterboeken € 0,2172
- Audio € 0,4158
- Video/DVD € 0,4158
- Multimedia € 0,7133
- Complete muziekwerken € 6,5144
- Kunstuitleen € 2,9602
College van Toezicht Auteursrecht (CvTA)
Op 26 november 2016 is de Wet in werking getreden, houdende wijziging van de Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties in verband met de implementatie van Richtlijn 2014/26/EU. Het College van Toezicht Auteursrecht (CvTA) is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Toezicht, en is belast met het toezicht op de inning en verdeling van vergoedingen door collectieve beheersorganisaties. De vereisten uit de Richtlijn met betrekking tot het transparantieverslag worden in principe in het bestuursverslag verwerkt. Waar deze vereisten onderdeel uitmaken van de jaarrekening zijn deze omwille van de leesbaarheid niet tevens in het bestuursverslag opgenomen, maar wordt volstaan met de vermelding in de jaarrekening.
Het CvTA ziet er onder meer op toe dat deze collectieve beheersorganisaties een overzichtelijke administratie bijhouden, de verschuldigde vergoedingen op rechtmatige wijze innen en tijdig verdelen onder rechthebbenden, transparante tariefstructuren hanteren en voldoende zijn uitgerust om hun taken naar behoren uit te voeren. Jaarlijks brengt het College van de door hem verrichte werkzaamheden verslag uit aan de Minister van Justitie en Veiligheid. De Minister zendt dit verslag door aan de Eerste en Tweede Kamer en aan de collectieve beheersorganisaties.
Samenstelling College van Toezicht:
- Dhr. drs. A.J. Koppejan (voorzitter)
- Dhr. mr. M.R. de Zwaan (lid)
- Mw. drs. N. Loonen-van Es (lid, tot 1 september 2024)
- Mw. dr. N. Kroon (lid, vanaf 1 september 2024)
- Mw. mr. W.E. Hoge (secretaris-directeur)
De periodieke informatievoorziening naar het CvTA, het jaarverslag, de begroting, de jaarrekening en overzichten met betrekking tot de inning, verdeling en inhoudingen is volgens afspraak verlopen.
VOI©E
Stichting Leenrecht is lid van de Vereniging van Organisaties die het Intellectueel eigendom Collectief Exploiteren (VOI©E). Deze brancheorganisatie van CBO’s streeft ernaar het begrip voor de uitoefening van het auteursrecht en de naburige rechten te vergroten en de informatie over de werkwijze van collectieve beheersorganisaties te verbeteren. VOI©E fungeert namens de collectieve beheersorganisaties als aanspreekpunt voor vragen over de collectieve uitvoering van het auteursrecht en naburige rechten. Daarnaast vervult VOI©E de functie van meldpunt voor kritiek of klachten. De collectieve beheersorganisaties die in Nederland actief zijn, zijn lid van VOI©E en verbinden zich daarmee aan de gezamenlijke gedragscode als neergelegd in het bestuursreglement. Meer informatie is te vinden op www.voice-info.nl.
Klachten en bezwaren
Stichting Leenrecht doet er alles aan om de werkzaamheden in de keten van inning en verdeling van vergoedingen zorgvuldig uit te voeren. Om eventuele klachten binnen de voorgeschreven regels van de gedragscode van de brancheorganisatie VOI©E te kunnen behandelen, heeft Stichting Leenrecht een officiële klachten- en bezwarenprocedure. Klachten over bijvoorbeeld de administratieve afhandeling of bezwaren van meer principiële aard worden via deze procedure op correcte wijze afgehandeld. Meer informatie hierover is te vinden op www.leenrecht.nl.